Oorlogsjaren herleven tijdens bijzondere ontmoeting in ’t Ganzenust

Foto: Catharina Glazenburg

VRIESCHELOO – Zaterdag was er een bijzondere ontmoeting in ’t Ganzenust in Vriescheloo. Jan Kuiper uit Rotterdam was voor het eerst in vele jaren terug in zijn geboortehuis.

Jan Kuiper is de zoon van Hindrik Kuiper. Hij woonde gedurende de oorlogsjaren, samen met zijn ouders en zijn zussen op het adres Meidoornlaan 3 in Vriescheloo, wat tegenwoordig dorpshuis ’t Ganzenust is. In hun woning hielden zij sinds eind 1942 twee mensen verborgen: de Joodse veehandelaar Rudolf Braaf en zijn vrouw Sara Nathan uit Winschoten.

Op 27 juni 1944 blijkt dat de zaak is verraden. Zowel Rudolf Braaf, zijn vrouw Sara en Hindrik Kuiper worden door de Landwacht weggevoerd. Het echtpaar Braaf kwam in Westerbork terecht om vandaar op transport naar Auschwitz te gaan, waar zij beiden op zes september van dat jaar het leven lieten. Zij wisten niet dat hun dochter Sylvia Edith daar ruim een jaar eerder ook was vergast. Hun zoon Sallo was uit Westerbork ontsnapt en zat toen al in Hoogeveen ondergedoken.

Hindrik Kuiper werd naar het politiebureau aan het Marktplein in Winschoten gebracht. De toen dertien jarige Jan ging de volgende dag, samen met zijn moeder, naar Winschoten om vader schone kleding en dergelijke te brengen. Het was de laatste keer dat hij zijn vader zag. Er kwam nog één keer een teken van leven, in de vorm van een brief die vader Kuiper vanuit kamp Vught naar zijn gezin schreef. Hij overleed in januari 1945 in Oraniënburg/Sachsenhausen.

Vorig jaar september onthulde Ruth (Riemersma) Braaf een gedenksteen voor haar grootouders en Hendrik Kuiper. De steen is aangebracht bij de ingang van ’t Ganzenust. Klik HIER voor onze reportage. Zaterdag was zij, nu samen met haar zus uit Londen en verdere familie, terug in Vriescheloo om de nu 85 jarige Jan Kuiper en zijn familie te ontmoeten. De aanleiding van deze ontmoeting is een boek dat is geschreven door Gerhard Kruizinga. Dit boek gaat over zijn opa Lourens, die destijds een buurman van de familie Kuiper was. In het boek: Lourens, kroniek van een leven wordt een hoofdstuk aan de gruwelijke gebeurtenissen in deze juni-dagen gewijd.

Kruizinga heeft, voordat hij het boek schreef, veel aan research gedaan. Veel van de opgetekende verhalen komen uit de familie of van mensen die hij in de loop der jaren heeft bezocht. Helaas wist hij op het moment dat het boek werd uitgegeven niet van het bestaan van Jan Kuiper. Dit veranderde nadat in diverse media aandacht aan het boek en de onthulling van de gedenksteen werd geschonken.

Er vond een ontmoeting plaats. Voor de hoogbejaarde Jan Kuiper was het de eerste keer dat hij over de gebeurtenissen in de oorlog sprak. Zaterdag ontmoetten de heren elkaar opnieuw en stond Jan Kuiper in de kleine vergaderzaal van ’t Ganzenust, wat eens de woonkamer was. Een woonkamer waarvan de deur altijd op slot zat en waar bij dreigend onraad Rudolf Braaf zich in de aanrechtkastjes verstopte, terwijl zijn vrouw Sara zich schuil hield in het dressoir.

Alle herinneringen kwamen weer boven en Kuiper had het er zichtbaar moeilijk mee. Hij vertelde over het zakhorloge, het enige tastbare wat hij nog van zijn vader bezit. Bij het bezoek aan het politiebureau drukte vader hem op het hart zijn jas, die nog buiten op een kar lag, onder dak te leggen, zodat het niet nat werd. In de jas zat het zakhorloge.

Gesteund door zijn vrouw, zijn kinderen en kleinkinderen haalde hij herinneringen aan Rudolf en Sara Braaf op. Ruth en haar zus kwamen op deze middag veel te weten over hun grootouders. Jan Kuiper is de enige persoon die voor hen de herinnering levend kan houden. Voor de rest van de middag stond nog een bezoek aan de synagoge in Bourtange op het programma.

Foto’s: Catharina Glazenburg