Groninger boeren werken aan een groenere akkerbouw

Foto: Jan Glazenburg

GRONINGEN – In het kader van het nieuwe Europese Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) na 2021 voeren een kleine veertig akkerbouwers in Groningen praktijkmaatregelen uit. Hiermee testen zij op welke manier de akkerbouw groener ingericht kan worden. Binnen de landelijke GLB-pilot Akkerbelt wordt met negen akkerbouw-collectieven van Groningen tot Zeeland samengewerkt.

Er zijn gebiedsplannen opgesteld samen met akkerbouwers en gebiedspartijen zoals waterschappen en terreinbeheerders. In deze plannen wordt omschreven welke maatregelen het beste uitgevoerd kunnen worden in een bepaalde regio: voor de natuur én voor de boer. Dit jaar worden de plannen tot uitvoering gebracht, wat betekent dat akkerbouwers bepaalde gewassen zoals akkerranden inzaaien, of een andere vorm van bodembeheer doen. Dit allemaal om te kijken of de opgestelde plannen passen bij de praktijk.

De GLB-pilot Akkerbelt maakt duidelijk dat er binnen de sector veel energie en belangstelling is om te zoeken naar maatwerk voor een groenere akkerbouw. De agrarische collectieven Agrarische Natuurvereniging Oost-Groningen (ANOG) en Collectief Midden Groningen (CMG) werken samen in deze pilot. Beide hebben zij voor het eigen gebied passende maatregelen opgesteld ter versterking van bodem, biodiversiteit en waterkwaliteit.

Veldmaatregelen in Oost-Groningen

De grondsoort en landschappen in Oost-Groningen zijn heel verschillend: klei en zand, en de kenmerkende landschappen van het Oldambt, Westerwolde en de Veenkoloniën. Dit betekent, dat er in de gebieden ook verschillende maatregelen worden uitgetest.

Rondom Ter Wisch (Westerwolde) leggen de akkerbouwers akkerranden aan ten behoeve van de wilde bij en de patrijs. Voor elke soort ziet de maatregel er wat anders uit. denk aan een verschillend zaadmengsel, breedte en locatie van de akkerranden. Zo hebben wilde bijen baat bij een combinatie van een bloeiende akkerrand in combinatie met landschapselementen zoals bosjes. De akkerrand wordt aan de zonnige kant van het bosje neergelegd, want hier houden bijen van. De akkerranden voor de patrijzen zijn een stuk breder (6 tot 12 meter) en is voorzien van een ‘karrenspoor’. Patrijzen gebruiken graag dit soort sporen om doorheen te lopen.

Het weidse kleigebied Oldambt is een bekende broedplaats van vele soorten akkervogels zoals de Grauwe Kiekendief en de Veldleeuwerik. De maatregelen rondom Nieuw-Scheemda richten zich dan ook op de akkervogels. Er worden akkerranden aangelegd, en ‘vogelvriendelijk graan’ ingezaaid. Dit graan wordt wat breder ingezaaid en er worden geen insecticiden in gebruikt wat de akkervogels meer ruimte geeft om te broeden. De maatregelen rondom Nieuw-Scheemda sluiten aan bij andere, bestaande ‘clusters’ waar ook beheer plaats vindt voor akkervogels zoals Noordbroek en Nieuwolda.

In de Veenkoloniën zijn de veenwijken heel kenmerkend voor het landschap, en zijn van grote ecologische waarde. Wild, vogels en insecten vinden hier hun onderkomen. De akkerbouwers voeren ecologisch slootbeheer uit, wat betekent dat een deel van de veenwijk niet wordt geschoond. Doordat een deel van de begroeiing in de winter ook blijft bestaan, is dit een schuilplek voor vele dieren. De akkerranden die ernaast worden ingezaaid, zorgen ervoor dat er een natuurlijke buffer ontstaat tussen landbouwgrond en sloot. Het doelen in dit gebied zijn dan ook de waterkwaliteit en biodiversiteit.

Daarnaast gaan een aantal akkerbouwers in dit najaar aan de slag met maatregelen gericht op de bodemkwaliteit: verschillende soorten ‘groenbemesters’. Dit zijn gewassen die na het hoofdgewas worden ingezaaid, om de bodem en biodiversiteit te verbeteren.

Veldmaatregelen in Slochteren en de Noordelijke kleischil

In de noordelijke kleischil en in Slochteren richten de maatregelen zich vooral op de bodem. Denk hierbij aan maatregelen zoals een rustjaar, waarbij een jaar lang een gewas wordt geteeld enkel als voeding voor de bodem. Of aan het toepassen van andere vormen van bodembewerking, waarbij de bodem zo min mogelijk wordt beroerd. Op deze manier krijg het bodemleven kans haar werk te doen. Ook wordt hier gewerkt met akkerranden voor het aantrekken van nuttige insecten die zorgen voor een natuurlijke plaagbeheersing, en vogelvriendelijk graan.

Veldexcursies en monitoring

De afgelopen maand vonden er veldexcursies plaats voor de partijen die ook hebben meegedacht in de planvorming. Akkerbouwers en partijen blijven op deze manier met elkaar in gesprek, en gezamenlijk kan de invulling van de maatregelen worden verfijnd. Daarnaast vinden er verschillende soorten monitoring plaats. Zo worden er bijvoorbeeld loopkevers en nachtvlinders geteld en bodemmonsters genomen. Op een praktische wijze kunnen we zo bekijken wat de maatregelen zouden kunnen betekenen voor de natuur. In het najaar gaan we ook met de deelnemende boeren in gesprek om de ervaringen uit te wisselen en tips en trucs mee te nemen.

Zeven pilots landelijk

De Akkerbelt is één van zeven pilots die met financiering van het Ministerie van LNV worden uitgevoerd. De bevindingen en conclusies worden gebundeld, en regelmatig gedeeld met de mensen van het Ministerie die werken aan de planvorming voor het nieuwe GLB. Met deze pilots proberen wij de akkerbouw te vergroenen op een manier die bij de akkerbouwers in gebieden past.

Ingezonden

Op het beeldmateriaal op de website van RTV Westerwolde rusten auteursrechten.