REGIO – Onderstaand een artikel hebben Aart Jan Langbroek en Jacco Swierenga (vanuit GroenLinks) als opiniestuk geschreven.
Wie geniet er niet van het landschap en de natuur om je heen terwijl je op je fiets, bus of trein of misschien met de auto landerijen, steden, dorpen en bossen aan je voorbij ziet glijden. Vogels vliegen op, een ree slaat van schrik op de vlucht, in de verte zweeft een kiekendief over de akkers. De zonnestralen zijn voortdurend in gevecht met de wolken, waardoor de vergezichten van uur tot uur, van dag tot dag en van seizoen tot seizoen nooit hetzelfde zijn. De sloten, plassen, kolken, kanalen en meren kleuren mee en weerspiegelen die veranderingen. Voor wie kijkt slaat nooit de verveling toe.
Als vanzelf wordt je blik getroffen door de vele wateren die de akker- en graslanden in de polderlandschappen doorsnijden. Letterlijk doorsnijden, zó diep is de ontwatering. Het waterlint onder in de sloot is smal en ondiep, of de sloot staat droog. De oever is vaak kaal, met soms onderin een smalle kraag met grassen en kruiden. De 30-50 cm brede zwartgrijze slikrand boven de waterlijn in de winter is niet begroeid.
Die slikrand wordt veroorzaakt door tegennatuurlijk ingestelde waterpeilen. Daardoor kunnen oeverplanten, ook moerasplanten genoemd, zich niet vestigen. Er zijn dan geen wortels om de grond van de oever vast te houden en zo te beschermen tegen stroming en golven. Er vindt erosie, afkalving en afschuiving plaats. De oever zal moeten worden hersteld of verstevigd met harde beschoeiing. Dat kost heel veel geld. Het is ook niet goed voor de waterkwaliteit en de natuur. Omdat er geen oeverplanten zijn om voedingsstoffen op te nemen wordt het water niet gezuiverd.
De kunstmatig ingestelde lage waterpeilen kunnen tot inklinking van de bodem en tot veenoxidatie leiden. Met als gevolg dat wegen, huizen en boerderijen verzakken en muren scheuren. De kosten om schade te herstellen zijn enorm. Voor Oldambt is herstel van het wegdek dat in de afgelopen droge zomers schade heeft geleden geschat op € 30 miljoen. Het is gissen naar de schade die gebouwen oplopen, maar die zal snel een veelvoud zijn.
Het is gemakkelijk in te zien dat door de geringe hoeveelheid water in de slootjes natuur slecht tot haar recht komt. Vis, kikkers en salamanders en waterplanten hebben het zwaar te verduren, vooral in de winter. Het weinige water kan snel belast worden met voedingsstoffen (meststoffen) en bestrijdingsmiddelen. De natuur heeft het nakijken.
Door het versneld afvoeren van water aan het eind van de winter ─ landbouwmachines moeten immers vroeg het land al weer op ─ en de diepe ontwatering ontstaat al snel droogteschade voor landbouwgewassen. Wanneer door klimaatverandering de zomers heter en droger worden wordt de bodem voor droogte nog kwetsbaarder. Maar ook het omgekeerde komt voor zoals we de afgelopen winter hebben gezien. Op de grootschalige akkers en graslanden lagen her en der grote plassen. Dat komt de grondbewerking en de teelt van gewassen niet ten goede en leidt tot inkomensderving.
De oplossing ligt in een robuuster watersysteem. In ieder geval meer en bredere watergangen waarin hogere waterpeilen zijn ingesteld. Daartussen de akkers en de graslanden met een zekere mate van bolling waardoor water op een natuurlijke manier naar de sloten kan afvloeien. Deze wijze van landschapsinrichting en waterbeheer zorgt er voor dat het niveau van grondwater in de bodem (het zogenoemde freatische vlak) zo lang mogelijk hoog blijft en beschikbaar is voor de gewassen. Vooral langs de kust wordt verzilting tegengegaan.
Een landschap dat is ingericht en wordt beheerd zoals hiervoor is opgeschreven: leeft! We zien dat de oevers weer zijn begroeid, en dat in het heldere water veel waterplanten voorkomen. Ze vormen weer een groen-blauwe dooradering van het landschap. Voor dieren ─ zoogdieren, vissen, insecten, vogels en amfibieën ─ zijn het verbindende zones tussen grote en kleine natuurgebieden met een grotere biodiversiteit. Voor de landbouw ook een verdienmodel.
Ineens is het niet meer alleen het landschap dat zich weerspiegeld ziet in het water, maar ook het leven zelf.
Ingezonden door Aart Jan Langbroek en Jacco Swierenga, lid van Groenlinks Oldambt